Week van de Jonge Mantelzorger:


‘Hé mam, er zijn meer kinderen zoals ik’

Noëlle, Jannick en Phoebe* zijn gewone jongeren. Ze doen hetzelfde als iedereen, met één groot verschil: Zij maken zich zorgen over of zorgen voor een ziek of beperkt gezinslid. Dit is bepalend voor hun leven. Om hen te ondersteunen en zichtbaar te maken, is het jaarlijks van 1 tot en met 7 juni de nationale Week van de Jonge Mantelzorger. Ook in ons werkgebied is er veel aandacht voor deze belangrijke doelgroep.

Ongeveer een kwart van de kinderen en jongeren in Nederland is een jonge mantelzorger, zoals je jongeren als Noëlle, Jannick en Phoebe ook wel noemt. Vaak beseffen jonge mantelzorgers en mensen uit hun omgeving niet dat zij opgroeien in een situatie die anders is dan die van de meeste mensen. Het zorgen lijkt voor hen vanzelfsprekend en verloopt vaak vanzelf. Toch is het goed om stil te staan bij de gevolgen van deze zorgsituatie in het leven van een jong persoon. Kun je je nog wel goed genoeg concentreren op school als je broertje ziek is of een beperking heeft? Of moet je soms afspraken met vrienden afzeggen, omdat je moeder naar het ziekenhuis moet?

Stichting Evenmens
Ook al zien deze jongeren zichzelf niet als jonge mantelzorger, ze ondervinden wel de gevolgen van de zorgsituatie al op jonge leeftijd. Evenmens ondersteunt deze kinderen en jongeren. ‘Via maatschappelijk werk kwam ik in contact met Evenmens. Ik wist voor die tijd niet eens dat er een naam is voor mijn situatie’, vertelt Noëlle (11). ‘Bij Evenmens doe ik mee aan ontspannende activiteiten, zoals lasergamen en graffiti spuiten. Daarnaast ga ik regelmatig naar de Klets en Knutselgroep. Ik merk dat het fijn is om met anderen te kletsen die in een soortgelijke situatie zitten. Zij snappen mij goed en weten wat het betekent. Mijn moeder heeft MS en mijn broertje de diagnose ADHD. Ik maak mij veel zorgen om de situatie, vooral als mijn moeder weer allerlei onderzoeken in het ziekenhuis heeft. Op die momenten heb ik het best moeilijk en slaap ik slecht.’

Haar neefje Jannick (11) beaamt dat: ‘Mijn broertje heeft extreme hypermobiliteit, DCD, een chromosoom-defect en beginnende scoliose. Na een schooldag is hij erg vermoeid en kan hij niet veel meer. Ik moet daar continu rekening mee houden, wil graag met hem spelen, maar dat gaat niet. Dat vind ik lastig. We zijn al jaren bezig om de juiste diagnose te krijgen, daarom moet ik heel veel naar mijn tante als mijn ouders naar het ziekenhuis moeten.’

Medeweters ontmoeten
De moeders van Noëlle en Jannick zijn tweelingzussen, waardoor er een hechte band is tussen beide families. ‘We kunnen op elkaar rekenen en helpen elkaar waar mogelijk. Maar daarnaast is het wel fijn dat onze kinderen bij Evenmens hun verhaal kunnen doen en lotgenoten (ook wel medeweters genoemd) ontmoeten’, vertelt de moeder van Jannick. ‘Sinds Noëlle met andere jongeren in contact is gekomen, is ze veel opener geworden. Dat geldt ook voor Jannick. Sinds mijn zoon de klets & knutselmiddag bezoekt, zie ik hem langzaam opbloeien. Voorheen was de situatie heel beladen, we praten als gezin veel met elkaar, maar vaak vanuit een volwassen oogpunt. Bij Evenmens praat Jannick met leeftijdsgenoten die hetzelfde meemaken, waardoor hij ook thuis veel meer praat over wat er in hem omgaat. Ik vergeet nooit meer de eerste woorden van Jannick na de eerste bijeenkomst: Hé mam, er zijn meer kinderen zoals ik.’

Jannick: ‘Het helpt mij echt om te blijven praten over de situatie thuis. Fijn om alles even van me af te praten. Dan voel ik me daarna veel fijner en losser.’ Noëlle: ‘Ik bouw vaak mijn verdriet op en dit komt er zo af en toe ineens uit. Midden in een gymles op school bijvoorbeeld. Dan is het wel fijn dat de leerkracht weet wat er speelt.’

Geen medelijden
‘Niet alle jonge mantelzorgers vinden het makkelijk om over hun situatie te praten, ’ legt consulent jonge mantelzorgers, Helma Boorsma, uit. ‘Ze willen geen medelijden, maar er gewoon bij horen. Toch is het wel belangrijk dat mentoren en leerkrachten op de hoogte zijn van de situatie thuis. Hierdoor zullen schoolmedewerkers beter begrijpen waarom kinderen/jongeren hun huiswerk een keer niet af hebben of dat ze met hun gedachten ergens anders zijn.’

Phoebe (14)* praat het liefst zo min mogelijk over de situatie. Phoebes vader is ernstig ziek en zit op dit moment volop in een behandelingstraject. ‘Ik praat er op school niet veel over, ook niet met vrienden. Elke keer de vraag hoe het met me gaat… Daar word je zat van, ik wil niet alles oprakelen. Sommige dingen wil ik gewoon privé houden. Wat mij het meeste helpt om mijn hoofd leeg te maken, is sporten! Even met iets heel anders bezig zijn. Bij Evenmens maakt Phoebe maandelijks een wandeling met consulent Helma en bezoekt ze de activiteiten en meidenavonden. Naast het hardlopen, is dit erg fijn om te ontspannen. Even niet aan thuis denken. Ik praat daar met leeftijdsgenoten die hetzelfde meemaken. Dat geeft een band. Ik heb geleerd om te genieten van de kleine momentjes.’

Week van de jonge mantelzorger
Dit jaar sluit ook Evenmens zich aan bij de landelijke bewustwordingscampagne Niet te missen in de Week van de Jonge Mantelzorger. In deze periode worden extra activiteiten georganiseerd voor jonge mantelzorgers.

Daarnaast bieden de consulenten jonge mantelzorgers het hele jaar door ondersteuning aan jonge mantelzorgers uit de gemeenten Twenterand, Hellendoorn, Rijssen-Holten, Wierden, Raalte en Olst-Wijhe. Wilt u meer weten over de ondersteuningsmogelijkheden voor kinderen en jongeren die opgroeien met zorg? Neem dan contact op met Helma, Annlies, Miranda of Lucia. Klik hier voor alle (contact)informatie.

*De echte naam van Phoebe is bekend bij de redactie